Cardoner, tijdschrift voor ignatiaanse spiritualiteit
/ Boekbespreking / BOEK: Emond Auger, jezuïet in spagaat (1530-1591). Verhaal van een acteur tijdens de contrareformatie.

BOEK: Emond Auger, jezuïet in spagaat (1530-1591). Verhaal van een acteur tijdens de contrareformatie.

Redactie Cardoner on 14/08/2014 - 7:19 pm in Boekbespreking

Jezuïet en oud-leraar Franse literatuur Frans Kurris (1926) schreef een boek over zijn ordegenoot Emond Auger (1530-1591), volkspredikant, retoricaleraar, rector en stichter van jezuïetencolleges, provinciaal overste, auteur van de catechismus van de Franse Contrareformatie, hofpredikant en ten slotte gedurende vier jaar biechtvader van de Franse koning Henri III. Kurris vergelijkt het “werkelijke leven” van Auger met diens “levensverhaal”, het Narré, gepubliceerd  circa 1590.

Kurris vertelt goed en zijn boek leest vlot. Om de thema’s van het Narré voor te stellen schetst hij telkens met pittige details de historische context en de kring van beroemdheden waarin Emond Auger terechtkwam en hoe hij daarin de jezuïetenspiritualiteit trachtte te beleven. Zo probeerde hij als raadgever van de koning te midden van de feestelijkheden van het zestiende-eeuwse Franse hof toch de armoede op zijn ignatiaans te interpreteren; te midden van de contrareformatorische ultra’s van de Ligue en de fanatieke protestantse hugenoten van de koning van Navarra (een tegenstelling die ook de Parijse jezuïetengemeenschap in diepe verdeeldheid bracht) vooral de innerlijke bekering van de tolerantie en de barmhartigheid te bepleiten; als provinciaal overste bij het nemen van beslissingen in jezuïtische zin gehoorzaam te blijven; op de onveilige wegen van de godsdienstoorlogen als welsprekend predikant in Lyon Xaverius als voorbeeld te bewaren; als retoricaleraar, humanist en uitgever van de succesrijke Franse catechismus de klassieke letteren en het katholieke geloof bij elkaar te houden.

Het boek heeft wel een wat gewrongen opbouw, omdat Kurris het leven van Auger van achteren naar voren neemt, tegen het feitelijke verloop in, zowel van het werkelijke leven als van het levensverhaal. Er volgt een hoofdstuk met een recapitulerend chronologisch overzicht, maar als laatste komt de “ouverture”, de kinderjaren en de vormingsperiode van de jonge Auger met zijn inspirerende voorbeelden uit de beginjaren van de jezuïetenorde: Favre, Xaverius, Polanco, Palmio en vooral Des Freux.

Kurris beschrijft een “jezuïet in spagaat”: tussen de trouw aan zijn nationalistische Franse koning en zijn internationale orde met buitenlanders als collegerectoren, tussen de verdeeldheid en de samenhorigheid van conservatieven en hervormers binnen zijn Parijse communiteit, tussen leiding geven en gehoorzaamheid, tussen geloof en politiek, tussen gezond verstand en armoede. Hartstochtelijk zoekt Auger naar de gulden middenwegen en naar “de matigheid, het rustige evenwicht tussen uitersten” (blz. 150). Deze spanningen worden volgens Kurris pas creatief door de imitatio (het origineel, scheppend navolgen van modellen) en de devotio (de hartelijke toewijding aan God, het troostvol smaken en geestelijk onderscheiden, in functie van de dienstbaarheid).

De grote verdienste van het boek is dat Augers Narré, geschreven in het Oudfrans van de zestiende eeuw, in het Nederlands is hertaald. Een boek voor ieder die wil weten hoe de jezuïeten hun spiritualiteit beleefden in een tijd van godsdienstoorlogen en humanisme.

Frans Mistiaen S.J.

 

Emond Auger, jezuïet in spagaat (1530-1591). V
Verhaal van een acteur tijdens de contrareformatie, door Frans Kurris SJ,
’s Hertogenbosch, BOXPress, 2013, 161 blz.

Print Friendly, PDF & Email